Zijn als een boterbloempje

‘Eigenlijk moeten we zijn als die boterbloempjes daar,’ vertelt hij, al wijzend naar wat achter ons is. Ik ga rechtop zitten en zie een paar mooie, felgele boterbloempjes die bloeien tussen heel veel brandnetels. ‘Gewoon bloeien. Ongeacht met hoeveel de ‘brandnetels’ zijn.

Het is zondagmiddag. Eerste Pinksterdag. Ik voel me vrolijk, blij en gelukkig. Samen met zo’n 40.000 andere christenen breng ik dit weekend door op Opwekking in Biddinghuizen en met Stijn lig ik in het gras onder de zon. We praten over van alles en evalueren het mooie weekend. ‘Eigenlijk is het stom. We zijn hier met zoveel christenen zo vol van het geloof, maar wanneer we thuis komen wordt alles waarschijnlijk weer normaal en lijkt het na een paar weken zelfs alsof dit mooie weekend nooit heeft plaatsgevonden’ zegt hij. Ik knik instemmend. Hij heeft gelijk. Maar hoe uiten we dan wél wat je gelooft?

‘Eigenlijk moeten we zijn als die boterbloempjes daar,’ vertelt hij, al wijzend naar wat achter ons is. Ik ga rechtop zitten en zie een paar mooie, felgele boterbloempjes die bloeien tussen heel veel brandnetels. ‘Gewoon bloeien. Ongeacht met hoeveel de ‘brandnetels’ zijn, gaat hij door. ‘Of wie ze zijn. Of wat ze kunnen, als brandnetel zijnde.’

Ik sluit mijn ogen even en denk aan afgelopen weken. Wie waren de boterbloempjes? Ik moet denken aan mijn zus, die me laatst vertelde dat ze teleurgesteld werd van hoe onaardig mensen wel niet deden op 5 mei. Ze drongen voor, keken chagrijnig en zagen er niet uit als dankbaar voor hun vrijheid. Ze besloot toen gewoon complimentjes uit te delen. Aan mensen die ze leuk of mooi vond. Niet voor haarzelf houden wat ze waardeerde, maar het vertellen aan de desbetreffende persoon. Mensen keken verbaasd en bedankten haar vriendelijk.

Ik denk aan mijn zusje, die na haar training gedoucht en moe op de bank ging zitten. Ze kreeg een appje van haar buurmeisje: of ze even wilde helpen met natuurkunde. En daar ging ze, in haar pyjama, met natte haren en vermoeide benen. Haar thee werd koud en haar rustmomentje verdween, maar dat maakte haar niet uit.

Ik moet denken aan die vriendin, die oprecht vroeg hoe het me ging. De persoon die zomaar iets liefs stuurde waar ik blij van werd. Aan de man die me vriendelijk voor liet gaan toen ik zo’n haast had op de fiets. Aan de klant in de Albert Heijn, die elke week even een praatje komt maken. En ik denk aan Jezus, die zelfs Zijn leven voor Zijn naasten over had!

Ik voel de zon branden op mijn gezicht en ruik de geur van barbecue, het verse gras en een zomer die nabij is. Ik glimlach. Gewoon bloeien en schijnen in de duistere wereld dus. Ik kan niets anders dan instemmen met Stijn. Want die boterbloempjes, die zijn niet gemaakt om voor eeuwig een zaadje te blijven.

Deze post is geschreven door een Alpha – Youth content team member. Meer weten of ook teamlid worden? Lees hier meer.

Foto: Content team member Simone