God ontmoeten: wanneer is het mijn beurt?

Ik zat op zo’n christelijke middelbare school waar elk jaar een Kerst-en Paasviering was. We zaten dan met z’n allen in de grote aula en moesten een uur luisteren naar iemand die iets ging vertellen over zijn of haar leven. In dat leven ging er doorgaans van alles fout, waren ze volledig van God los en zaten ze diep in de put.

Maar toen vonden ze Jezus en kwam alles goed. Heel erg mooi natuurlijk, maar tegen de vijfde keer dat ik een dergelijk verhaal hoorde had ik het wel gezien. Waarom? Omdat ik me er niet aan kon spiegelen. Ik had behoefte aan een vervolgverhaal. Wat komt er na die ontmoeting met Jezus? Ik wilde verhalen horen over mensen die worstelen met God, die hun weg nog niet hebben gevonden en bij wie de hemel soms zwijgt.

Vragen om een teken
Ik geloof erin dat God ons daarom de Bijbel heeft gegeven, die volstaat met dat soort verhalen. Neem David, die regelmatig dingen deed die God niet goed vond. Of Gideon, die God niet geloofde en maar om tekenen bleef vragen. Of Job, die God niet begrijpt en enkel kan roepen: ‘Waarom?’

‘De Bijbel staat vol faalverhalen’

Zelfs de heldhaftig neergezette Esther, had zo haar twijfels. Esther was een joods meisje, dat koningin werd. Als de koning dan een wet laat maken dat alle joden op een bepaalde dag gedood mogen worden, kan Esther ervoor zorgen dat dit niet gebeurt door de koning om een gunst te vragen. Die gunst kan hij verlenen of hij kan het afwijzen. Als hij het afwijst dan wordt Esther gedood. Ze spreekt dan de legendarische woorden: ‘Kom ik om, dan kom ik om’, maar aan die woorden ging wel een hoop vooraf. Het duurt namelijk best even voordat ze het durft om het joodse volk te redden. Pas als haar oom Mordechai haar overtuigd door te zeggen: ‘Misschien is dit waarom jij koningin moest worden’ is ze overtuigd.

Geen perfect geloof
De Bijbel is dus een boek vol ‘faalverhalen’. Verhalen over mensen die geen perfect geloof hebben, die moeite hadden met God en die Zijn plan niet altijd zagen. En ik denk dat wij in deze tijd ook dit soort verhalen tegen elkaar moeten vertellen. De perfecte christen bestaat niet en zo heeft God geloven ook nooit bedoeld. We moeten het durven om niet aan het einde van ons verhaal, maar middenin onze strijd met God op te staan en te getuigen.

‘Ik weet niet wat God met mijn leven wil’

‘Ik ben Hilde en ik geloof in God. Geloven betekent voor mij hoop hebben en het geeft kleur aan mijn leven. Maar er zijn ook genoeg momenten dat ik God niet zie. Als ik schreeuw, zwijgt de hemel. Ik weet niet wat God met mijn leven wil en ik bid iedere dag of Hij dat duidelijk wil maken.’

Het is nodig dat dit soort verhalen verteld worden. We moeten vallen, samen opstaan en elkaar helpen om verder te lopen. Ieder van ons is immers, net als elk persoon in de Bijbel, slechts een held op sokken.

Weet je wat fijn is? Als je jou verhaal kan delen en vragen kan stellen! Op Alpha – Youth kan dat: Welkom!

Meer over dit onderwerp lezen?